Oprichting van Sint Jozefkerk

Het was baron Osy de Zegwaart die zich in 1871 zou inzetten voor het bekomen van de vereiste toelatingen. Na lange tijd persoonlijk bij de verschillende overheden aangedrongen te hebben en er om begrip voor de noden van de plaatselijke bevolking te hebben verzocht, vroeg hij op 2 april 1871 schriftelijk toelating aan de gemeenteraad van Ekeren voor de oprichting van een kerk nabij de ingang van zijn domein. 

Reeds op 18 mei van hetzelfde jaar bekwam hij de gevraagde toelating. Vanaf dat moment gaat alles in snel tempo. De provinciale bouwmeester, Eugène Gife, werd belast met het ontwerp van de kerk en de pastorij, waarvan de prijs voor beide geraamd werd op 58.707,92 fr. Het beschrijvend bestek werd op 27 mei 1871 opgemaakt en in juli werden de werken reeds openbaar aanbesteed. 

Het provinciaal bestuur bericht baron Osy op 19 juni 1871 dat de bouw van de kerk en pastorij zal toegewezen worden aan de laagste bieder, de heer H. Gervais aannemer te Turnhout, voor de som van 59.900 fr. 

De eerste steenlegging had plaats nog voordat de werken door de hogere overheid werden goedgekeurd. Deze plechtigheid had plaats op 28 september 1871, die dag werd eveneens de eerste parochieherder, Eerwaarde Heer Schevelenbos, ingehaald. 

Deze eerste steenlegging geschiedde op de gronden die eigendom waren van baron Osy.

Na de installatie van de nieuwe kerkraad, op 3 oktober 1871 en de verkiezing van de leden wachtte deze raad nog een belangrijke gebeurtenis. Er werd bij akte, verleden voor Mter. Vansulper, notaris te Antwerpen, de schenking vastgelegd van de gronden waarop de kerk is gebouwd. Vanaf toen werd er hard gewerkt aan de nieuwe kerk, ondanks het feit dat de officiële goedkeuring pas bij Koninklijk Besluit van 6 februari 1872 werd gegeven.

Een afschrift van dit besluit werd aan het gemeentebestuur van Ekeren gestuurd door arrondissementscommissaris C. Lambrechts. Tevens werd melding gemaakt van de toegestane subsidies vanwege staat en provincie.      "... Het departement van Justitie zal, evenals de provincie, aan de kerkraad een subsidie toestaan van 15.780 frs., gelijk aan een derde der uitgaven voor de bouw der kerk, en een andere subsidie van 4.186,66 fr. voor de oprichting van de pastorij. Deze laatste subsidie zal, om boekhoudkundige redenen, vereffend worden in naam van de gemeentelijke administratie, die ze zal storten in de kas der werken." 

Zo vorderde gestadig de bouw van de kerk en werd het tijd ook aandacht te besteden aan het interieur. In het verslag van de zitting van de kerkraad van Hoogboom op 15 oktober 1871, lezen we hierover:      

"Overwegende de noodzakelijkheid van zich aan te schaffen de eerste noodwendigheden van inrichting der kerk,Overwegende den voordeligen aanbod van den Heer Edouard baron Osy, door dewelken deze heer presenteert aan het fabriek in leening te geven eene somme van zestien honderd franks, vrij van interesten, af te leggen op zestien jaren tijd, Besluit met eenparigheid van stemmen van zich tot de bevoegde overheid te wenden, ten einde de noodige bemachtiging tot gezegde leening te bekomen."

Eens te meer steunde baron Osy op barmhartige wijze de nieuwe kerk, waar hij zich zo voor ingezet had en welke hem zo nauw aan het hart lag. De meubelen werden door Eugène Gife ontworpen en in twee loten publiekelijk aanbesteed. Het eerste lot bevatte de altaren en de doopvont in natuursteen, terwijl het tweede lot alle houten meubelen behelsde. De heren Mattheys en Van Dievorst kregen het eerste lot voor de som van 3.326 fr. toegewezen en de heer De Ceuster ontving het tweede lot voor de som van 4.500 fr.

Op 19 augustus 1872 stond een Koninklijk Besluit de vervaardiging van de kerkmeubelen toe. In april 1872 verzocht baron Edouard Osy de kerkfabriek: "... dat op zijne kosten in onze kerk zou opgericht worden eene Tribuen boven de Sacristy langs den linkerkant, en volgens plan bij den brief gevoegd, om deze door hem en zijne hoogst edele Familie ten tijde van de goddelijke diensten betrokken te worden". "Overwegende ten andere de billijkheid der gedane vraag, ingezien de milde onderstandsmiddelen die onze nieuwe in opbouw zijnde kerk van gezegden heer Edouard baron Osy heeft genoten en geniet", werd dit verzoek ingewilligd. Het is dit balkonnetje, volgens plan van Eugène Gife, dat de aandachtige bezoeker van de kerk reeds zal opgemerkt hebben, links boven de deur naar de bergplaats en de Mariakapel. Wanneer men het goed bekijkt, zal men het wapenschild van de baron erop bemerken.

 

Begin 1873 was de bouw van de nieuwe parochiekerk beëindigd en de officiële aanvaarding had plaats op 2 juni 1874.In mei 1887 verandert de kerk nogmaals een weinig van uitzicht. Baron Osy verzoekt de kerkfabriek hem een stuk grond op het kerkhof te verkopen, "gelegen achter de kerk, ten einde aldaar eenen grafkelder te maken voor zijnen familie". De raad van de kerkfabriek neemt in overweging dat baron Edouard Osy vroeger gans de grond voor het bouwen van de kerk en voor de weg rond de kerk, waarvan het gevraagde stuk grond deel uitmaakt, aan de kerk heeft afgestaan en geschonken. Gezien deze vraag niet meer dan billijk is vanwege de baron, en aan­gezien "de verbintenissen die er uit volgen, namelijk dat een monument zoude opgericht worden door den heer baron Edouard Osy en dat aldus het achtergedeelte der kerk hierdoor een schooner aanzien zoude bekomen, en de afsluiting van het kerkhof beter en gevoeglijker zoude gemaakt worden, doch bepalende dat de verkoop zoude geschiede op voorwaarde dat de processieweg rond de kerk over dit grondgedeelte altijd vrij zoude blijven bestaan" wordt besloten toe te stemmen in de verkoop. Korte tijd nadien wordt het monument opgericht tegen de achtermuur van de kerk en siert tot op heden nog steeds deze plaats.

Op 5 december 1900 overlijdt baron Edouard Osy en wordt bijgezet in zijn grafkelder. De kerk van Hoogboom heeft nu haar beschermer verloren, doch de Hoogboomse bevolking en de pastoors, die het voorbeeld van de baron indachtig blijven, ijveren steeds verder voor de bloei van de parochie en de kerk en dit tot op de huidige dag. 

 


Bronvermelding : Heemkring Hobonia